Themapagina kinderboekenweek Voor altijd jong

/Themapagina kinderboekenweek Voor altijd jong
Themapagina kinderboekenweek Voor altijd jong2018-04-03T20:40:00+00:00

Themapagina "Voor altijd jong"

21e eeuwse vaardigheden.

De informatie op de themapagina is gericht op  de 21e eeuwse vaardigheden. Op deze themapagina krijg je suggesties hoe je de 21e eeuwse vaardigheden in de klas praktisch in kunt zetten.
Wil je meer informatie over de 21e eeuwse vaardigheden? Kijk dan eens naar de artikelen "21e eeuwse vaardigheden... en dan?"

Heb je zelf aanvullingen op het thema, laat het weten via het contactformulier!

 Klik op een vaardigheid en spring meteen naar dat onderdeel op deze pagina.

Digitale geletterdheid

Het effectief, efficiënt en verantwoord gebruiken van ICT.  Hieronder vallen de vaardigheden Computational thinking, ICT basisvaardigheden, Informatievaardigheden en Mediawijsheid.

Computational thinking

• denkprocessen waarbij probleemformulering, gegevensorganisatie, -analyse en -representatie worden gebruikt voor het oplossen van problemen met behulp van ICT-technieken en gereedschappen.

BeeBot programmeren 

De BeeBot kun je bij bijna elk thema gebruiken. Dus ook bij de Kinderboekenweek.
Ken je de BeeBot nog niet? Lees dan meer op mijn blog.

BeeBot: Voorwerpen uit grootmoederstijd

Weet jij hoe al deze voorwerpen heten? Pak een kaartje met een naam en rij naar het goede voorwerp. Wil je het moeilijker maken? Kies dan 2 of 3 kaartjes en programeer de BeeBot zo dat hij langs alle voorwerpen rijdt. Je kunt ook vooraf de route uittekenen met behulp van pijltjes.


ICT basisvaardigheden

• het kennen van basisbegrippen en functies van computers en computernetwerken (‘knoppenkennis’);

•  het kunnen benoemen, aansluiten en bedienen van hardware;

•  het kunnen omgaan met standaard kantoortoepassingen (tekstverwerkers, spreadsheetprogramma’s en presentatiesoftware)

•  het kunnen omgaan met softwareprogramma’s op mobiele apparaten;

•  het kunnen werken met internet (browsers, e-mail);

•  op de hoogte zijn van en kunnen omgaan met beveiligings- en privacyaspecten;

Quiz maken

Maak met de kinderen een quiz over de tijd dat opa en oma zo oud waren als zij. In sommige klassen wordt een quiz van de week gehouden die elke week door een klein groepje kinderen gemaakt word.

Een quiz kun je eenvoudig maken met Kahoot of in Prowise Presenter.

Onderwerpen:

- Voorwerpen uit "grootmoederstijd"
- Spelletjes die opa's en oma's speelden
- Geschiedenisvragen uit de tijd dat opa en oma jong waren
- Praxis heeft een Woordenquiz en een Voorwerpenquiz (Voor altijd Jong (nr. 1 aug 2016)

Meer info:



Digibordlessen van Rian Visser

Ook dit jaar heeft Rian Visser weer digibordlessen gemaakt die passen bij het thema van de Kinderboekenweek. 

Meer info: http://www.rianvisser.nl/kinderboekenweek/


Thinglink

Met Thinglink maak je van een praatplaat of illustratie een interactieve plaat. Je kunt foto's, video's, geluiden etc toevoegen.

Thinglink: Vroeger en nu

Thinglink: Stamboom

Meer informatie om zelf aan de slag te gaan met Thinglink.

Mediawijsheid

Kennis, vaardigheden en mentaliteit die nodig zijn om bewust, kritisch en actief om te gaan met media.

• begrip: inzicht hebben in de medialisering van de samenleving, begrijpen hoe media gemaakt worden, zien hoe media de werkelijkheid kleuren;

• gebruik: apparaten, software en toepassingen gebruiken, oriënteren binnen mediaomgevingen;

• communicatie: informatie vinden en verwerken, content creëren, participeren in sociale netwerken; 

• strategie: reflecteren op het eigen mediagebruik, doelen realiseren met media.

Skypen

Via Skype of FaceTime contact zoeken met een opa of oma (eventueel in het buitenland).

Vooraf bedenk je met de klas welke vragen je aan opa of oma gaat stellen. In jongere groepen doe je dat met de hele klas gezamenlijk of in kleine kringen. In hogere groepen kunnen kinderen dat in kleine groepjes doen.

Skype kan zowel op de computer als op tablets geïnstalleerd worden. Dus skypen met de hele groep via het digibord of in kleine groepjes via PC of tablet.

Artikelen:

Facetime is geschikt voor Apple apparaten. Deze app staat standaard geïnstalleerd op een iPad.

Informatievaardigheden

Het kunnen signaleren en analyseren van een informatiebehoefte en op basis hiervan het kunnen zoeken, selecteren, verwerken en gebruiken van relevante informatie.

• definiëren van het probleem;
• zoeken naar bronnen en informatie;
• selecteren van bronnen en informatie;
• verwerken van informatie;
• presenteren van informatie

Tentoonstelling

De kinderen maken een tentoonstelling over de tijd waarin opa en oma op school zaten.

Ze zoeken informatie over die periode, vragen foto's aan opa en oma, bedenken teksten en zoeken voorwerpen voor de tentoonstelling.


Leuk om opa en oma uit te nodigen om de tentoonstelling te komen bekijken.


WebQuest De klas: 

Gewoon lekker naar school gaan. Maar hoe gewoon is dat nu eigenlijk?

In de webquest ontdekken de leerlingen hoe de school er vroeger uit zag en hoe een school in Afrika er uit ziet. Ook  ontdekken ze welke spelletjes er vroeger gespeeld werden, welke regels er in de klas waren en hoe de klas er van binnen uit zag.

Communiceren

Het effectief en efficiënt overbrengen en ontvangen van een boodschap.


• doelgericht kunnen uitwisselen van informatie met anderen (spreken, luisteren, de kern van een boodschap herkennen, effectief verwoorden, duidelijk zijn, ruis voorkomen);

• kunnen omgaan met verschillende communicatieve situaties (gesprekken, presentaties, debatten, etc.) en het kennen van de gesprekstechnieken, -regels en sociale conventies bij elke situatie;

• kunnen omgaan met verschillende communicatiemiddelen

Interview

Natuurlijk kun je ook met de klas een interview voorbereiden dat je niet digitaal uitvoert, maar gewoon met de persoon in de klas.

 

Artikelen:


De leukste opa/ oma uit een boek!

De kinderen nomineren de leukste opa of oma uit een boek. Ze geven een korte presentatie waarom deze opa/ oma zo leuk is en lezen een fragment voor uit het boek. Uiteindelijk kan de klas stemmen op de leukste opa/ oma.

 

Meer info over digitaal stemmen:

Creatief denken

Het bedenken van nieuwe Ideeën en deze kunnen uitwerken en analyseren.


• een onderzoekende en ondernemende houding;

• het kunnen denken buiten de gebaande paden en nieuwe samenhangen kunnen zien;

• het kennen van creatieve technieken (brainstorming en dergelijke); 

• het durven nemen van risico’s en fouten kunnen zien als leermogelijkheden.

Als ik 100 ben....

Een schrijfopdracht in combinatie met een creatieve opdracht. (natuurlijk kun je ook kiezen voor 1 van de twee).

 

Hoe zie jij er uit als je 100 bent?

Beschrijf hoe je leven eruit ziet als jij 100 bent.

 

Bron: Around the Kampfire


StopMotion filmpje maken

 

Door een heleboel foto's achter elkaar te zetten op de computer, krijg je een soort filmpje: stop-motion heet dat. Dit kun je prima met de kinderen doen. Hieronder vind je handleidingen. Probeer het eerst zelf eens uit!

 

Je kunt verschillende materialen gebruiken voor een StopMotion filmpje: klei waarmee je eenvoudige poppetjes maakt, lego, vingerpoppetjes, Playmobil, tekeningen.

 

Je kunt een prentenboek (b.v. van de Kerntitels) gebruiken als uitgangspunt voor je Stopmotion filmpje, maar je kunt ook zelf een verhaal bedenken.

 

Meer informatie:

Probleemoplosvaardigheden

Het (h)erkennen van een probleem en om het kunnen komen tot een plan om het probleem op te lossen.


• problemen kunnen signaleren, analyseren en definiëren;

• kennen van strategieën om met onbekende problemen om te gaan;

• oplossingsstrategieën kunnen genereren, analyseren en selecteren;

• het creëren van patronen en modellen;

• het kunnen nemen van beargumenteerde beslissingen.

Ontwerpen

Laat de kinderen een oplossing bedenken voor een probleem dat een opa of oma heeft. Het probleem kan je aandragen naar aanleiding van een boek dat je voorleest, maar je kunt het ook zelf bedenken.

Bijvoorbeeld:

  • Opa ziet slecht, maar raakt steeds zijn bril kwijt.
  • Oma is vergeetachtig en raakt de weg naar de winkels steeds kwijt.

Sociaal Culturele vaardigheden

Het effectief kunnen leren, werken en leven met mensen met verschillende etnische, culturele en sociale achtergronden.


• constructief kunnen communiceren in verschillende sociale situaties met respect voor

andere visies, uitingen en gedragingen;

• het (her)kennen van gedragscodes in verschillende sociale situaties;

• eigen gevoelens kunnen herkennen en gekanaliseerd en constructief kunnen uiten;

• het tonen van inlevingsvermogen en belangstelling voor anderen;

• bewust zijn van de eigen individuele en collectieve verantwoordelijkheid als burger(s) in een samenleving.

Opa en oma dag op school

 

Nodig opa en oma uit op school en speel met hen samen spelletjes uit hun tijd.

Opa en oma kunnen ook voorlezen in de klas. Aan hun eigen kleinkinderen, aan een groepje kinderen, of aan de hele klas.

 

Opa en oma komen vertellen over vroeger en nemen foto's en voorwerpen mee (poeziealbum/ rapport). Ze vertellen b.v. over hoe het vroeger op school was, dingen die nu anders zijn.

Samenwerken

Het gezamenlijk realiseren van een doel en anderen daarbij kunnen aanvullen en ondersteunen.


• verschillende rollen bij jezelf en anderen (h)erkennen ;

• hulp kunnen vragen, geven en ontvangen;

• een positieve en open houding ten aanzien van andere ideeën;

• respect voor culturele verschillen;

• kunnen onderhandelen en afspraken maken met anderen in een team;

• kunnen functioneren in heterogene groepen;

• effectief kunnen communiceren.

Gezelschapsspelletjes

  

Samen gezelschapsspelletjes spelen, binnen of buiten!

 

Binnen:

Ganzenbord, Mens erger je niet, Pim pam pet, sjoelen, Bingo, Jeu de Barricade

 

Buiten:

Tollen, hinkelen, touwtje springen, buskruit, verstoppertje, Stand in de mand, knikkeren, stelt lopen, paaltjes voetbal, stoepranden, overlopertje


Fantasiedieren maken bij het boek "MIjn oma is een ooievaar"

De kinderen werken samen in groepjes van 3. Een strook papier wordt in drieën gevouwen. Elk kind tekent op 1 strook een kop van een dier. De stroken worden doorgegeven aan de volgende. Op het tweede deel tekenen de kinderen een lijf van een dier. Weer doorgeven en nu op het derde deel de staart tekenen.

Het leukste is als de stroken zo gevouwen worden dat ze niet zien wat de ander getekend heeft.

Kritisch denken

Het kunnen formuleren van een eigen, onderbouwde visie of mening.


• het effectief kunnen redeneren en formuleren;

• informatie kunnen interpreteren, analyseren en synthetiseren;

• hiaten in kennis kunnen signaleren;

• het kunnen stellen van betekenisvolle vragen;

• het kritisch reflecteren op het eigen leerproces;

• het open staan voor alternatieve standpunten.

Tijdlijn

 

Maak een tijdlijn met de kinderen, waarop ze aangegeven wanneer ze zelf geboren zijn, wanneer pappa en mamma geboren zijn en wanneer opa en oma geboren zijn.

Ook kunnen ze aangeven welk jaar het nu is en wanneer ze zelf even oud als opa of oma zullen zijn.

 

Je kunt de tijdlijn op verschillende manieren maken:

  • Op een strook papier. Vooral voor kleuters een prima vorm! De kinderen tekenen zelf de mensen die op de tijdlijn komen of nemen foto's mee.
  • Een grote klassen tijdlijn van vellen papier die je door de klas heen op de muur plakt.
  • Een digitale tijdlijn, gemaakt in b.v. Prowise Presenter of TimeLine.
  • In de bovenbouw is het leuk om te kijken welke geschiedenislessen passen bij deze tijdsperiode en die ook toe te voegen aan de tijdlijn.

Zelfregulering

Het kunnen realiseren van doelgericht en passend gedrag.


• het stellen van realistische doelen en prioriteiten;

• doelgericht handelen (concentratie, zichzelf kunnen motiveren voor en richten op de

uitvoering van een taak, zelfstandigheid) en monitoren van het proces (planning,

timemanagement);

• reflectie op het handelen en de uitvoering van de taak, en feedback op het eigen gedrag

en handelen benutten om adequate vervolgkeuzes te maken;

• inzicht hebben in de ontwikkeling van eigen competenties;
• verantwoording nemen voor eigen handelen en keuzes, en zicht hebben op consequenties van het eigen handelen voor de omgeving, ook op de lange termijn.